Het grootste taboe in kleding is niet of je zwart draagt, geen trends volgt of een keer misgrijpt in je kast. Het zit dieper. Het zit in de overtuigingen die bijna elke vrouw heeft meegekregen: je mag niet te veel zijn.

Niet te sexy.
Niet te opvallend.
Niet te uitgesproken.
Niet te zichtbaar.

We groeien op met de woorden “Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg.” En al denk je dat je daar inmiddels boven staat omdat je geen tiener meer bent, het zit vaak dieper verankerd dan je beseft.

Kijk je naar je kledingkast. Hoeveel stukken hangen er die je eigenlijk prachtig vindt, maar zelden draagt? Die jurk met een split. Die rode blouse. Die hakken waar je je een godin in voelt. Ze zijn er. Maar ze blijven hangen. Jaar in, jaar uit.

Niet omdat je ze niet mooi vindt, integendeel zelfs, maar omdat je bang bent dat ze “te veel” zijn.

Kleding als spiegel

Kleding is nooit neutraal. Nooit.
Elke keuze die je maakt, vertelt een verhaal.
Soms luid en duidelijk, soms fluisterend – maar altijd eerlijk.

Een outfit kan kracht uitstralen of je volledig onzichtbaar maken. Het kan je helpen je plek op te eisen of je compleet uitvlakken in de massa.
En precies dáár wringt de schoen: zoveel vrouwen die vanbinnen krachtig, slim en aanwezig zijn. Zoveel vrouwen die leiders zijn in hun expertise, die weten waar ze het over hebben én die het op papier goed voor elkaar hebben, kiezen dag in dag uit voor looks die dat niet weerspiegelen.

Je uitstraling en look verraadt altijd meer dan je woorden

We zeggen vaak dat het “praktisch” is. Dat het “gewoon leuk” is. Maar meestal is het een excuus. Een manier om te verdwijnen. Een poging om niet te veel te zijn in een wereld die vrouwen contant vertelt dat ze vooral minder moeten zijn.

En daar begint de strijd. Niet in je hoofd, maar in je kast.

Het oordeel achter de blik

Het echte taboe komt nier alleen van binnenuit. Het zit ook in de blikken en woorden van buitenaf.

Zodra een vrouw wél kiest voor présence, komt er vaak een oordeel.
De rode jurk wordt bestempeld als “te sexy”.
Een beetje glitter als “te overdreven”.
De hakken als “aandachttrekkerij”.

Als het oordeel stopt bij fluisterende opmerkingen, heb je nog geluk. Vaak gaat het verder. Veel verder.

“Ze vraagt erom.”
“Met zo’n outfit lok je het ook uit.”

Dat is victim blaming in zijn puurste vorm. Het idee dat jouw kleding verantwoordelijk zou zijn voor het gedrag van een ander. Alsof een rok of jurk een uitnodiging is. Alsof respect afhankelijk is van een outfit.

Laten we dit voor eens en altijd helder hebben: jouw kleding veroorzaakt nooit het gedrag van een ander. Nooit.
Wat jij draagt, zegt alleen dat jij jezelf durft te claimen. Het oordeel ligt niet in je jurk, maar in de ogen die ernaar kijken,

De body shame onder de laag

Alsof dat nog niet genoeg is, dragen we vaak ook nog een ander taboe met ons mee: body shaming.

We leren al jong dat ons lichaam moet “kloppen” voordat we het mogen laten zien. Dat je pas mooi gekleed mag gaan als je bent afgevallen. Dat je pas “mag stralen” als je jong, strak en perfect bent.

En dus wachten vrouwen. Ze wachten met investeren in zichzelf tot ze voldoen aan een standaard die bijna niemand kan halen. Tot die tijd verstoppen ze zichzelf in veilige kleding die niet te veel aandacht trekt.

Dat wachten is echter een valkuil.
Want hoe langer je wacht, hoe verder je jezelf van jezelf verwijdert.

Je hoeft je lichaam niet eerst te veranderen om je kracht te dragen. Je hoeft alleen de moed te hebben om zichtbaar te zijn.

De prijs van klein blijven

We onderschatten vaak de prijs van dit patroon. Van steeds kiezen voor veilig, leuk, neutraal.
Elke keer dat je dat doet, zeg je onbewust: “Ik kies ervoor om kleiner te zijn dan ik werkelijk ben.

De gevolgen daarvan?
Je wordt over het hoofd gezien.
Je wordt niet serieus genomen, ook al ben je nog zo goed.
Je kansen lopen langs je heen.
En misschien nog wel het ergste: je voelt zelf nier meer de kracht die diep vanbinnen nog steeds aanwezig is.

Onzichtbaarheid lijkt misschien een bescherming, maar in werkelijkheid is het zelfverraad.

Doorbreek het taboe

Het taboe dat je niet te veel mag zijn, is niet jouw waarheid. Het is een erfenis. Generaties vrouwen zijn zo opgevoed: hou jezelf in, wees bescheiden, wees niet te luid, niet te sexy, niet te aanwezig.

Maar jij hoeft dat niet langer door te geven.

Je kunt ervoor kiezen klein te blijven.
Veilig. Leuk. Onzichtbaar.
Of je kunt jezelf terug claimen.

En dat betekent niet dat je morgen over the top op je werk moet verschijnen.
Het betekent dat je stap voor stap je présence terughaalt. Je identiteit.
Dat je keuzes gaat maken die je laat zien wie je werkelijk bent.

Kleine keuzes, GROOT verschil.

De weg terug naar jezelf begint vaak met kleine aanpassingen.
Het gaat om die ene keer dat je de jurk draagt die je al jaren in je kast hebt hangen.
Dat je kiest voor een kleur dat je gezicht laat stralen in plaats van weg te vallen.
Dat je een detail toevoegt dat zegt: “hier ben ik.”

Présence zit niet in overdaad.
Présence zit in de intentie achter je keuze.
In de moed om jezelf niet langer te verstoppen, maar zichtbaar te maken.

Elke keer dat je kiest voor veilig, kies je voor klein. Elke keer dat je kiest voor présence, kies je voor jezelf.

Mode is zelfliefde

Misschien wel de grootste misverstand over mode is dat het oppervlakkig zou zijn. Maar mode is zelfliefde. Het is een van de meest zichtbare manieren waarop je tegen jezelf zegt: “Ik ben het waard om gezien te worden.”

Elke keer dat je kiest voor een outfit die jouw identiteit zichtbaar maakt, geef je jezelf de bevestiging dat je er mag zijn.
Dat is geen luxe. Dat is noodzaak.
Je hoeft niet te wachten tot later. Niet tot je slanker, strakker, succesvoller bent, of op die vrije dag, of als je er “klaar” voor bent.
Je identiteit draag je elke dag van je leven.

Niet te veel, maar precies genoeg

Wanneer iemand zegt: “Dat is wel een beetje veel.”
Weet dan: dat oordeel is niet van jou.

Het is hun angst
Hun beperkingen
Hun manier om jou kleiner te maken, zodat zij zich comfortabel voelen.

Jij bent niet te veel
Je look is niet te veel.
Jouw présence is niet te veel.

Sterker nog: het is precies genoeg.
Het is jouw identiteit, jouw uitstraling
En dat is nooit te veel.

Unapologetically,
Nikki

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *